Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— Ge hebt gelijk, Stien... Ik zal lijden en dragen!

Op den trap klonken voetstappen.

Toen de vrouw de kamer binnenkwam, zag ze haar man zitten met de kleine op de knie, en Christien kwam haar aanstonds tegen, nam haar de eieren uit de hand, om ze achter te gaan koken.

In die weinige, stille oogenblikken herstelde zij zich geheel en al... wilde er verder niet over nadenken, al bleef ook die gebeurtenis haar als een bang iets bij...

Dien avond kon ze zoo hartelijk bidden. Ze voelde zich nog meer bereid om te lijden dan anders. Ze overdacht al haar daden van dien dag, en stilstaande bij hetgeen s middags was voorgevallen, voelde ze zich moedig, — en moest ze ook God danken voor het sterke gezegde, dat haar toen was ingevallen. — Haar ongedwongenheid was sinds dien dag echter verdwenen. Beiden vermeden ze bij elkaar te zijn, — beiden deden ze hun best, door druk praten alle herinneringen te verdringen.

Doch toen op een keer Christien des avonds bij moeder kwam, en daar haar biechtvader vond, hoorde ze, wat die twee samen bepraat hadden.

— Als Stientje het wil, 't zijn brave menschen, zei moeder!...

— Als Stientje het wil? lachte ze.

— Mevrouw van den notaris heeft een binnenmeid noodig, zei de geestelijke, en ik heb haar gezegd, dat ik een heel goede wist. Ge krijgt een goede huur...

Ze zweeg, zag moeder aan...

Sluiten