Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gedaan? God gevloekt! de H. Maagd!... Uw ziel!... Voor zoo'n onnoozel ambt van eer!... Als nu de dood eens kwam!

Hij trachtte zijn gedachte af te wenden van dat akelig gezicht, alleen te peinzen op zijn mooie toekomst. Wat zou hij doen over zes weken ?

Welk een verbaasde gezichten zouden ze zetten! Moest hij wraak nemen ? Of was de nederlaag nog niet gevoeliger als hij allen duldde en deed of er niets was gebeurd ? 't Hoorde immers zoo : hij en dat ambt pasten bij elkaar.

— En dan uw ziel!... de dood!... sprak de stem in een oogenblik van stilte.

Nooit in zijn leven had Theophilus zoo druk gewerkt; nooit had hij zich zoo overladen met bezigheden, nooit zulk een drukke ontspanning gezocht, zulke luidruchtige vermaken.

Hij jaagde en stoeide met zijn trouwen hond en trachtte de stem daarbinnen niet te hooren.

Zes weken later zat hij op de oude plaats. Alles liet hij gelijk het was.

En Theophilus hoorde op een dag vertellen, hoe het was gebeurd :

— Vreemd, dat die andere zoo gauw heen ging, maar hij kreeg een droom, nacht na nacht, al vijf weken lang, en telkens dacht hij dat hij door een snellen, sterken stroom moest waden om te komen in het wachtend, mooie land. Hij moest er heen en stapte in het water,

Sluiten