Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

rechterhand geen ander siersel dan een zegelring, terwijl de linker, die een boek hield, door den schilder in duister was gelaten; de andere steunde de rechterhand op het gevest van zijn degen; de linker, vóór de borst, toonde aan den ringvinger een smallen gouden ring met grooten diamant.

Beider gelaat, onder de gepoederde pruik, was nobel en fier van trekken, ernstig, zonder iets dat naar vroolijkheid zweemde.

De jonge vrouw liet een oogenblik, als toevallig, hare oogen rusten op de portretten; toen, met kalm bewegen, nam zij haar borduurwerk weer op. De zonnestraal was vergleden, doch het bleef lichter dan te voren, een bleek, koud licht.

Buiten daverde een koets aan en hield op vóór de poort van het klooster; in de hal klonken stemmen en iemand kwam kloppen op de kamerdeur.

Op het toestemmend: „binnen!" diende de halzuster aan: „De Comtesse de Charon" en dadelijk tripte een jong meisje binnen, vlug bewegelijk figuurtje in licht blauw zijden kleedje,

Sluiten