Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Heb je wel eens een zware zieke verpleegd ?" vroeg Marie Louise nieuwsgierig.

„Mijn oom in zijn laatste ziekte. Toen was ik veertien jaar."

Henriëtte ging onder het spreken langzaam terug naar haar stoel. Marie Louise volgde. Vóór en in den spiegel bleef, vroolijk, de gulden schijn van het kaarslicht.

„Daardoor ben. je dan zeker zoo ernstig geworden ?"

Henriëtte schudde het hoofd.

„Dat is mijn aard," zei ik je straks al. „Het Friesche bloed. Dat is ernstig en eigenzinnig."

„Maar je moeder was toch Frangaise?"

„Ja."

Henriëtte zeide het kortaf als met tegenzin. „Daarom spreek je 't Fransch als je eigen taal."

„Ik ben immers al vijf jaar in Parijs. Van mijn veertiende jaar af. En bij oom aan huis werd veel Fransch gesproken. Trouwens, de Hollanders leeren gemakkelijk vreemde talen."

Marie Louise wierp een blik op de klok.

„Ik moet weg!" riep ze opspringend. „En

Jer-Lie. 2

Sluiten