Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Toen, als verlegen voor Henriëtte's bewonderende oogen, voegde hij er kalmer achter: „ik heb ook veel in mijzelf afgebroken, ik ben altijd weer afgedwaald, maar het doel blijft, het groote doel. Dat zal ik bereiken, wanneer Frankrijk mij zal roepen."

Hij zweeg abrupt. Henriëtte wachtte stil of hij verder zou spreken: het scheen haar heiligschennis, hem te storen of in de rede te vallen.

Maar hij ging zitten en op gewonen toon, schertsend, zeide hij: „vergeef mij, madame, als ik u verveel met mijn oratorische zinnen. Dat is een soort genoegen voor mij; zooals een ander verzen declameert of zingt. Mijn lust in oratorisch spreken slaat soms met mij op hol. Maar ik moest bedenken dat voor een mooie vrouw het aanhooren heel wat minder genoegen geeft."

Henriëtte deed haar best mee te gaan op zijn luchtiger toon.

„Waarom denkt u dat? De vrouwen van tegenwoordig stellen immers belang in alle mogelijke ernstige en moeielijke dingen."

Over de Mirabeau's gezicht gleed een ironische trek, die het leelijk en scherp maakte.

Sluiten