Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der vicomtesse vertrok in woede: de mond scheen plotseling groot en scherp en de oogen blikten vlijmend tusschen de half gesloten leden.

Henriëtte trad terug.

„Heb ik iets ... misdaan?" stamelde zij.

Doch toen zij de vicomtesse opnieuw aankeek, scheen wat haar ontsteld had, weggevaagd als een droom: Madame de Priaville had de oogen gesloten, en leunde als vermoeid in de kussens.

Henriëtte ging naar de deur.

„Het is, geloof ik, beter, dat ik heenga," zeide zij tot den arts.

Deze maakte weifelend gebaar.

„Misschien Madame,.. een zieke kent gewoonlijk eigen welzijn niet."

En met een zwierige buiging hield hij de deur voor Henriëtte open.

Peinzend liep zij door de gangen naar haar kamer, zat er stil neer vóór den haard, zooals zij menigmaal gezeten had met een gevoel van rustige behagelijkheid. Nu joeg verwondering door haar heen óver het gedrag der vicomtesse. De kamenier had den naam van de Mirabeau

Sluiten