Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

waaier van fijne kant en om haar mond speelde een lachje.

Een miniatuurvrouwtje scheen zij in haar kinderlijke tengerheid: Henriëtte keek haar aan, verwonderd omdat Suzanne een ander scheen dan dien morgen. Was dan haar bezorgdheid onnoodig geweest? »

„Ik kom van de dansles, madame," vertelde Suzanne met een révérence; „monsieurDubois is een prachtdanser en een élégant in zijn soort. Kent u hem?"

Henriëtte Amelie knikte.

„Natuurlijk; ik heb zelf les van hem gehad."

Suzanne lachte met hoog gilgeluidje.

„O ja, dat vergat ik."

Zij keek om zich heen.

„Gezellig, uw kamer bij avond."

„Nietwaar? Kom bij den haard zitten."

Zij nam Suzanne's hand, voelde de vingers van het meisje koud en klam.

„Je bent koud," beklaagde zij.

Suzanne rilde licht.

„Ja, ik géloof dat het guur is buiten." Henriëtte schoof voor Suzanne een stoel bij

Sluiten