Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het, dat geen woord meer was gesproken over wat Suzanne beangst en bedroefd had, dat Henriëtte geen troostgronden meer had behoeven te zoeken, maar intuïtief den weg'had ontdekt, waarop voor het kind rust was te vinden. Zoo eenvoudig scheen het en toch een wonder.

Henriëtte vroeg zich af of zij denzelfden invloed op Suzanne gehad zou hebben, wanneer het kind haar niet in vertrouwen had genomen, doch zij begreep dat dan de afstand tusschen hen beiden te groot zou geweest zijn.

In den nacht werd Henriëtte opgeschrikt door een angstkreet van Suzanne; bij den schijn van het nachtlichtje zag zij het meisje rechtop in bed zitten met wijd gesperde oogen de kamer in starend.

Henriëtte liep naar haar toe, boog zich over het bed, vlijde haar neer in de kussens.

«Niet doen, niet doen," zeide zij zacht-dringend. ,,'t Is nog nacht; je moet slapen..."

„Die droom, die akelige droom!" klaagde Suzanne.

„Niet er meer aandenken," drong Henriëtte.

Sluiten