Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

is voortdurend bedenken, dat er geen boek werd geschreven, of de schrijver liet zich bewust of onbewust door beginselen leiden. Het is een weten, dat elke verklaring van feiten opgroeit uit bepaalden wortel, en het houdt in een zoeken naar dien wortel, ook al zou hij rafelig dun zijn en bijna niet te vinden in de mulle aarde. Maar het is niet het minst bij eigen studie van eigen beginselen bewust uit te gaan, te weten, wat ge doet en wat ge wilt.

Dat alles eischt kracht, overtuiging, vuur. Brandt dat heilige vuur, ik vraag niet voor onze eigen Gereformeerde beginselen, maar voor zulk principieel studeeren in het algemeen, in laaiendeh gloed? Straks heb ik U in bescherming genomen — ik mag U niet verhelen, dat ik hier soms ga twijfelen. Er wordt onder U veel gesproken over het andere uitzien, dat de studentenwereld bij vroeger vergeleken toont. Ge hebt van mij gehoord, dat naar ik zien kan, het hoofdkarakter, het typische van den student hetzelfde zal blijven, zoolang onze akademies blijven ingericht, als ze heden zijn. Toch stem ik U toe, dat er wijziging kwam. Zoo merk ik in de studentenwereld van dezen tijd minder geestdrift, minder jeugdige kracht, minder durf, minder opbruisen, dan ik vroeger heb meenen te zien. Dat is niet iets, wat in het bijzonder onzen studenten betreft, het raakt allen. Wie met mij het voorrecht heeft gehad voor eenige maanden den Berlijnschen hoogleeraar Troeltsch te hooren spreken in de aula der gemeentelijke Universiteit weet, dat hij ditzelfde euvel gispte in de studenten van dezen tijd. Dus is het wellicht niet te verwonderen, dat ook van onze studenten soms zekere matheid zich schijnt te hebben meester gemaakt.

Vroeger was dat anders. Ik weet, uit mijn eigen studententijd, dat ook toen de 42ste Psalm werd geklaagd, innig en oprecht, maar het kwam minder naar buiten, men worstelde meer zijn eigen strijd. Ook wij hadden onze kritiek, bitter soms en fel. Daar waren er, voor wie eigenlijk geen predikant goed kon preeken: de één kende zijn tijd niet, de ander ging niet diep genoeg in op de Schrift, een derde bood enkel dogmatiek. Een oordeel, waarvan ik nu moet zeggen, dat het onbarmhartig en onrechtvaardig was, want wij, die trachtten het zelf beter en anders te

Sluiten