Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dienst en zoo meer, met gevolg dat ondanks alle conventies de stroom voor de Belgen niet vrij is."

De onnoozele lezer of hoorder zou dus moeten aannemen, dat Antwerpen en Gent havens zijn die, ondanks haar gunstige geografische ligging, er maar niet bovenop konden komen.

Inderdaad heeft Antwerpen, om ons daartoe vooreerst te bepalen, slechte tijden gekend. Maar dat is reeds lang geleden, en de oorzaken waren velerlei. Van het oogenblik af echter, dat de Scheldetollen zijn verdwenen (1863) en het achterland van Antwerpen, aanvankelijk alleen België en Noord-Frankrijk, later Duitschland, d.w.z. het dichtstbevolkte en rijkste deel van Europa, zich sterk economisch gaat ontwikkelen, vertoont Antwerpen een opbloei die niet alleen den groei van andere groote havens evenaart, maar overtreft.

Het zou weinig moeite kosten, dit met een overvloed van cijfers toe te lichten. Wij volstaan met enkele sprekende resumties.

Volgens Max Oboussier: ,,De haven van Antwerpen en de Economische Conferentie van Parijs", Antwerpen 1917, (notabene, een der vijanden van het Nederlandsche Scheldebeheer), klom de tonnenmaat van het An.twerpsche havenverkeer aldus:

Gemiddelde tonnen-

Totale tonnenmaat. maat per schip.

1830 120.333 169

1840 179.291 153

1850 239 165 168

1860 540.444 213

1870 1.362.600 330

1880 3.063825 684

1890 4.506.277 953

1900 6.720.150 1240

1910 12654.153 1869

Van het internationaal handelsverkeer der Antwerp-

Sluiten