Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gereikt, in evenredige verhouding tot het aantal on- en minvermogende leerlingen. Bij raadsbesluit van 24 Februari 1914 werd de subsidie verhoogd tot 6 cent per bad en 9 April 1918 tot 10 cent.

In verband met bovengenoemde raadsbesluiten is de toestand als volgt. De kinderen van de kosteloze scholen krijgen op de school van de klasse-onderwijzer(es) een badkaartje. De jongens van deze kosteloze scholen baden sedert 1914 onder schooltijd, in het handwerkuur van de meisjes, onder geleide en toezicht van de onderwijzers. De meisjes dezer scholen gaan er Woensdag- of Zaterdagmiddag vrij heen. Het toezicht wordt dan uitgeoefend door de badvrouw.

De jongens van de betalende scholen gaan op Maandag-, Dinsdag-, Donderdag- of Vrijdagmiddag vrij naar het badhuis. Het toezicht wordt uitgeoefend door de badmeester. De kinderen, die half schoolgeld betalen, krijgen een badbriefje, — de andere leerlingen moeten het badgeld zelf betalen.

De meisjes van de betalende scholen gaan evenals die van de kosteloze scholen Woensdag- en Zaterdagmiddag vrij baden onder toezicht van de badvrouw,

Het aantal schoolbaden bedroeg in:

1898 12583 1909 29664

1899 10521 1910 30303

1900 10370 1911 29118

1901 16433 1912 28775

1902 15845 1913 26880

1903 18903 19H 35828

1904 19035 1915 38923

1905 20361 1916 31029

1906 21134 1917 29272

1907 24521 1918 22525

1908 29608

(In deze getallen zijn niet opgenomen de betaalde kinderbaden. Deze belopen gemiddeld ongeveer 700 per jaar.)

B. v. O. Rapport Schoolbaden. 2

Sluiten