Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De inkomsten van deze kommissie waren zeer beperkt en werden hoe langer hoe geringer, zodat in 1906 besloten werd tot ontbinding van het Komitee.

Het „Volksbad" stond nu voor de keuze öf de schoolbaden te weigeren, öf zelf de baden te bekostigen. Het Bestuur koos het laatste, ondanks de bezwaren, daaraan voor de kas verbonden.

Nu werden pogingen in het werk gesteld, voor de schoolbaden subsidie te verkrijgen van het Gemeente-bestuur. Deze pogingen hadden in 1909 sukses. Sedert dit jaar ontvangt „Volksbad" van de Gemeente voor elk schoolbad een subsidie van 5 cent, welk bedrag in 1918 is verhoogd tot 6 cent.

Van dit badhuis maken, behalve de scholen voor zwakzinnigen aan de Tenierstraat en de Hooftskade, nog 14 andere scholen gebruik. De kinderen van de scholen voor zwakzinnigen baden onder de schooluren en onder toezicht van de onderwijzeressen), voorzover tenminste toezicht in dit badhuis met zijn gesloten cellen mogelik is.

De leerlingen van de 14 andere scholen baden daar buiten de schooluren op vertoon van een badkaartje, dat ze ontvangen van de klasse-onderwijzer(es), die deze biljetten op zijn beurt weer ontvangt van de Vereniging ,,Volksbad". Op school worden die biljetten afgestempeld met de naam van de school, zodat „Volksbad" altijd kan nagaan, hoeveel leerlingen van iedere school komen baden. De leerlingen leveren de volgende dag bij de onderwijzeres) het kontramerk in, als bewijs, dat hij (zij) het badhuis heeft bezocht.

Onze korrespondent schrijft hieromtrent: „Dat baden op eigen gelegenheid geschiedt voor negenen of na vieren, onder toezicht van de badmeester of diens vrouw, d.w.z., hij of zij zorgt dat de orde een beetje gehandhaafd blijft. Van verder toezicht op de leerlingen zal wel niet veel komen, als deze zich bevinden in de gesloten cellen. Of de kinderen schoon zijn, of ze zich goed hebben afgedroogd, of ze zweren of wonden hebben,

Sluiten