Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Kapitein Lankhurst was geen lafaard; hij had tegen de *ranschen gestreden en zich daarbij een dapper soldaat getoond. Maar de gedachte aan de één a twee etmalen, misschien langer die hij m het kleine vaartuig op de onstuimige zee zou moeten doorbrengen, joeg hem toch zekeren schrik aan

Het vooruitzicht om, werd hij door de Engelsche politie gevat m de gevangenis te worden geworpen en vermoedelijk door beulshanden te zullen omkomen, was hem echter nog veel schrikwekkender en zonder aarzelen stapte hij dan ook: aan boord toen Bob Waters hem wenkte zich in te schepen.

Dick maakte de trossen en uithouders los, Bob Waters heesch het fokkezeil en „De mooie Emily" schoot de haven uit, bijna voor den wind, als een kurk op de golven dansende.

Vgf minuten later was de kotter in de duisternis verdwenen. „De kerels zullen verzuipen zoowaar ik Will Peters heet" zei de oude smokkelaar, wendde zich om en ging in de richting van Dover, gevolgd door Bill, die telkens omzag om te trachten nog iets van den kotter te ontdekken. „Ga je mee Haai?" vroeg hij den derden smokkelaar. Deze schudde het hoofd en ging den anderen kant uit, in de richting van „Het Gouden Anker".

• ï.?6 mo°ie Emily" vloog vóór den wind in bijna oostelijke richting. Telkens sloegen zware, nijdige, kletsende stukken water over het boord, maar Bob en zijn metgezel hadden alle openingen zorgvuldig afgesloten, zoodat weinig of geen water in het vaartuig doordrong. Niemand sprak; de beide zeelui hadden handen vol werks en Lankhurst was aan zijn lot overgelaten. 0

Nu hjj eindelijk tot rust was gekomen, maakte een diep neerslachtige stemming zich van hem meester en zelfs het vooruitzicht van waarschijnlijk aan de handen der Engelsche politie te zullen ontkomen, kon hem niet opbeuren. Daarbij kwam, dat zijn wonden hem meer en meer pijn begonnen te doen, terwijl een onbehagelijk gevoel van lichaamszwakte hem onverschillig maakte voor alle andere gewaarwordingen, voor vreugde en leed Terwijl hij uitgeput en doodmoe in de kleine kajuit van den kotter op een stroozak lag uitgestrekt, begon h» met gesloten oogen over zijn vroeger leven na te denken, terwijl „De mooie Emily" telkens tegen de golven stootte, nu en dan

Sluiten