Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Lankhurst stond eerst tegen tien uur op. Hij voelde zich geheel verfrischt; wel was hij nog stijf in de ledematen en deed zijn wonde hem nog pijn wanneer hij zich bewoog maar over het geheel ging het toch veel beter dan hij verwacht had.

Hij kleedde zich, wat hem eenige moeite kostte en ging naar beneden. De wind was bijna geheel bedaard, de lucht strakblauw en helder; alleen de zee was nog oproerig en lange golven met witte koppen joegen elkaar na.

Hawkins en zijn dochter ontvingen hem vriendelijk en binnen enkele uren was hij geheel op zijn gemak in de eenvoudige molenaarswoning, die voorloopig zijn tehuis zou zijn. Emily's vroolijk gebabbel, de vrij onbeduidende maar hartelijk gemeende praatjes van haar vader gaven een welkome afleiding aan zijn sombere gedachten en de rust, waarvan hij genieten kon, maakte dat hij weldra geheel op krachten kwam.

Op raad van Bob Waters hield hij zich zoo veel mogelijk •binnenshuis, want het liet geen twijfel of de politie zou alles in het werk stellen om hem in handen te krijgen en aan het gerecht over te leveren.

Lankhurst verlangde sterk naar den dag waarop hij aan boord van „de mooie Emily" zou gaan, en voor altijd Engeland verlaten; hij wist maar al te goed, dat in zijn vaderland geen heil meer voor hem te vinden was en het vooruitzicht om in handen van den beul te vallen joeg hem vreeselijken angst aan.

Noch Emily, noch haar vader wisten precies wat er met Lankhurst voorgevallen was; Bob had het niet raadzaam geacht om hun dit te vertellen en de vluchteling zelf had er evenmin over gerept. Hij achtte het onnoodig en de herinnering aan het gebeurde was hem bovendien hoogst pijnlijk.

Hawkins stelde weinig belang in de dingen, die buiten zijn gewone levenssfeer lagen, en vroeg derhalve naar niets. Emily, hoewel een eenvoudig meisje dat weinig begrip had van het leven in de groote wereld, bezat genoeg gezond verstand om in te zien dat Lankhurst niet op zoo geheimzinnige wijze Engeland zou behoeven te verlaten als er niets bijzonders achter stak. Maar zij wist ook, dat het bij de groote heeren gebruikelijk was, wanneer hun schuldeischers 't hun te lastig maakten, met stille trom te vertrekken en ergens in het buiten-

Sluiten