Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tot de ontdekking dat hier een worsteling moest hebben plaats gegrepen. Het schrale gras was hier en daar vertrapt en de voetstappen stonden in allerlei richtingen.

Het hart klopte Bob in de keel... zou Emily vermoord zijn... of weggevoerd... hij liep een eind verder door en zag in den muilen bodem wagen- of karrensporen, blijkbaar nog versch. Plotseling trok een klein rond voorwerp dat in het korte gras half verscholen lag, zijn aandacht. Bob raapte het op en herkende het medaillon met spiegeltje dat Bob zich herinnerde, aan den horlogeketting van kapitein Lankhurst te hebben zien hangen. Het was een luxe-voorwerp, zooals de heeren in die dagen gewoon waren bij zich te hebben ...

Een wilde woede maakte zich van Bob Waters meester. Dus toch ...!

Eenklaps stiet Jack een luid geblaf uit, rende naar het keupelhout en kwam even later met èen blinkend voorwerp aandragen. Het was Emily's melkkan, die Bob heel goed kende.

HOOFDSTUK VI.

Bob Waters zat in sombere neerslachtigheid op een stoel in de huiskamer van den ouden Hawkins. Al zijn zoeken naar de vermiste Emily was-vruchteloos gebleken en hij had bijna de hoop opgegeven om haar terug te vinden.

Zijn beide ouders waren jong gestorven en als knaap was hij in huis gekomen bij een reeds tamelijk bejaard echtpaar. Lester, de man, was visscher van beroep en verdiende een karig stuk brood; de vrouw was ziekelijk en ging zelden uit.

De jonge Bob leerde het visschersbedrijf in den grond; de oude Lester was een onverschrokken zeeman en het was zijn trots en zijn roem den knaap tot een even kordaat schipper en visscher op te leiden als hij zelf was.

Bob hield van zijn pleegouders, van den ruwen, vrij hardhandigen en weinig spraakzamen zeeman, maar die een hart van goud bezat en hem als zijn eigen zoon beschouwde en van de zwakke, ziekelijke vrouw met haar doffe, weemoedige oogen en zachte, stem.

Sluiten