Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Dubois bood onmiddelijk zijn diensten als geneesheer aan en deze werden thans gaarne aanvaard. Men had wel weinig of geen gewonden, doch de koortsepidemie deed zich al eenigzins gevoelen en het aantal officieren van gezondheid bij de expeditionaire troepen was niet zeer groot.

Moe en afgemat kwam hij meestal na volbrachten dagtaak thuis, doch enkele avonden bracht hij in den gezelligen kring van de De Hoog's door. Emily werd bij den dag sterker, de koorts kwelde haar minder en zij had al een paar malen een half nnrtje opgezeten.

De tijding, dat de Engelschen Middelburg waren binnengetrokken, had haar blij gestemd en zij verheugde er zich in de klanken van haar moedertaal weer te hooren.

Dubois bleef haar trouw bezoeken en yroolijkte haar op door zijn levendige verhalen en luimige opmerkingen.

De Engelschen waren nu tegen Vlissingen opgetrokken, doch een deel van de troepen hield Middelburg bezet. De officieren waren voor een groot deel bij de burgers ingekwartierd en hoewel men over het algemeen niet bepaald met hen sympathiseerde, was de verhouding toch vrij goed.

„De Middelburgsche courant staat goed onder censuur," merkte de Hoogh op, terwijl hij een nummer van dit blad in de hand hield „noch in het nummer van Woensdag noch in dat van vandaag, 3 Augustus, staat iets vermeld omtrent den Engelschen intocht. Alleen staat er aangekondigd dat de geannonceerde Vauxhall in het kleine Schuttershof en in het logement van Middelburg zullen worden uitgesteld tot nader bericht."

„O ja, uw kermis is juist begonnen," zei Dubois „nu, er zijn andere vermakelijkheden genoeg in het vooruitzicht... ik hoor dat er verscheidene entertainment* zullen gehouden worden, waartoe men ook de Engelsche officieren zal uitnoodigen. En dan de danshuizen .. ."

„Nu ja, maar daar komen de fatsoenlijke families niet! De gemeente zal ook wat moeten-doen om het onze ongenoode gasten aangenaam te maken. Maar de gelden die zich in de landskas bevinden zijn nog net bijtijds naar Tholen overgebracht."

„Dat is het eenige deel van Zeeland dat zich nog Hollandsch kan noemen, niet waar?"

Sluiten