Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bracht Maartje hem een brief uit Engeland, bij de Hoogh in Middelburg besteld en door dezen naar Vlissingen doorgezonden.

Lankhurst had reeds eenigen tijd geleden naar een goeden vriend in Londen geschreven met verzoek hem te vóllen berichten hoe de zaken daar stonden en deze zond nu antwoord. Virginie Lankhurst was inderdaad door den val van haar paard bijna onmiddelijk gedood. De minister, door Lankhurst's pistoolschot getroffen, was daarentegen vrij spoedig hersteld van de onbeduidende vleeschwonde en vol wraakzucht had hij alles in het werk gesteld om Lankhurst in handen te krijgen.

„Dat weet ik maar al te goed," dacht de kapitein. Enkele dagen te voren had de minister echter een hevige woordenwisseling gehad met een zijner collega's naar aanleiding van de thans vrijwel als mislukt beschouwde Walcherensche expeditie en zich in die mate opgewonden dat hij een beroerte gekregen had en plotseling gestorven was.

Van die zijde had Lankhurst dus geen gevaar meer te duchten.

De inhoud van dit schrijven gaf hem stof tot lang en veel nadenken en het einde van zijn overwegingen was, dat hij van zijn besluit om naar Middelburg te vertrekken afzag. In Vlissingen zoowel als in de hoofdstad van Walcheren liep hij kans door den een of anderen Engelschen officier herkend te worden, maar dat gevaar was niet te vermijden en bovendien wat kwam het er eigenlijk op aanP... wel was hij, streng genomen, deserteur, maar overigens had hij zich aan geen eerlooze handeling schuldig gemaakt. En wat hem zijn vertrek van dag tot dag deed uitstellen was de omstandigheid dat hij in Vlissingen dichter bij het hospitaal van Dishoek, dus bij Doortje, was dan in Middelburg.

Eindelijk was zijn genezing zoover gevorderd dat hij een langere wandeling kon maken en op raad van Dubois deed hij dit dan ook zooveel mogelijk om zijn gewonde been te oefenen. Toen hij op een middag thuis kwam, vernam hij tot zijn groote teleurstelling dat tijdens zijn afwezigheid Doortje een bezoek aan haar tante had gebracht en haar had meegedeeld, wie Bob Waters was en ook dat de jonge de Montlévin niet meer tot de levenden behoorde.

Sluiten