Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijn stem...... een stem van menschen, uit het land

der levenden Wees onbevreesd, ik zal

niet naderkomen, maar dit eene zult ge mij toch met onthouden, het geluid van uwe stem......

Süvio. Ik dank den hemel, die

mij zond om u te schenken, wat gij vraagt.

Mara. Een wonderbare klank speelt in uw woorden,

of geur van bloemen en gedool van zon

in uwe stem waren opgegaan...... de geur

van bloemen die ik lang geleden gaarde

en zongespeel dat eenmaal over mijn

geheven handen vloeide...... Weg!...... voorbij......

Wat heb ik u gevraagd. wat heb ik u

gezegd...... acht op mijn dwaze woorden niet

Mijn adem die ze u toevoert is onrein......

Bewaar het wonder van uw stem, en ga voorbij wie God voorbijging

(Een stilte).

De Vader. Vreemdeling,

ga met uw makker, deze droefenis

strekt eenzaamheid tot zachter troosteres.

(Tot den portier).

Wijs hun een bergspelonk die dekking biedt. (Tot Silvio en Tobias).

En met het klaren van den dag rijze in uw hart het nieuw vertrouwen dat den weg van kwaad naar liefdes lichte paden wendt.

(De portier, Silvio en Tobias af).

De Vader. Mijn kind, de macht die u tot offer wijdt, laat klacht noch tranen onverklaard,

uw lot

wordt tot geluk vergolden, als gij lijdt

niet om uws zelfs, maar om den wil van God.

(Hy leidt Mara door de poort naar binnen. — De muziek sterft weg in een gerekten toon. —) Einde van de eerste handeling.

Sluiten