Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

mij zulke woorden dat zij weende, en heel haar teeder wezen aan mij openbaarde. En wat ik door geduldig delven niet gevonden had, gewerd mij toen, het goud van hare ziel, dat gij zaagt glanzen in

haar oogen, Vader!. Wel mocht Tobias

van dezen dag als dag der redding spreken I De Vader. Zoo zond de Hemel u als afgezant om te volbrengen 't schoonste wat op aard volbracht kan zijn, het voeren van een ziel op 't lichte pad der diepste zelf-herkenning. Als u de wereld in haar midden heeft weder gevonden, zal de heugenis van de voleinding uwer daad u blijven omlichten, wijl gij boven velen werd verkoren,

Silvio. Neen, mijn Vader, neen, mijn taak

is niet volbracht, zij vangt eerst aan, en vraagt

mijn leven, dat ik willig wijd aan Mara.

De Vader. Mijn zoon, dat offer kan de hemel niet

van u verlangen.

Silvio. Zoo 't een offer is,

dan is het slechts een offer aan mij-zelven;

van boven-aardsche macht een gave, die

ik dankend draag op mijn geheven handen.

De Vader. Gelooft gij dan dat Mara's hart terug

zou zinken in de droeve diepten van

verbijstering?

Süvio. Ik weet het niet, maar als

ik heenging, zou een nieuwe wonde branden

in haar geslagen hart Zij heeft mij lief,

en om haar liefde is 't, dat ik blijven moet. De Vader. Mijn zoon, de taak, die gij verkiest, is

[zwaar;

te zwaar wellicht voor uwe vrome kracht, u dreigt gevaar voor 't lijf en voor de ziel, en zoo ge falen mocht en werd als. Mara,

Sluiten