Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ik heb u meer lief dan de gansche wereld

Mara. Verlaat mij dan uit liefde, daar ge mij

in allerdiepste ellende storten zoudt

door niet te gaan.

Süvio. Hebt gij mij dan niet lief?

Mara. Och Süvio, als ik u minder liefhad

zoude ik wellicht uw groote liefde aanvaarden,

nu moet ge heengaan wijl ik u bemin

gelijk ge mij bemint.

Süvio. En zeide u niet

een stem dat ik gelukkig worden zou?

dan zal ik ook gelukkig zijn bij u.

Mara. Niet als ge willens uw geluk verstoot.

De Vader. Gods teekenen vervullen zich wanneer

het uur gekomen is, — het wereldsch uitzicht

doorboren eer de tijd gekomen is

van de verklaardheid, staat aan menschen niet.

Süvio. Dan zal ik gaan.

Mara. Dank, Süvio

Süvio. Maar zoo

de stilte u wordt gelijk zij was voordat

ge mij aanschouwd hadt, Mara, wijt het niet

aan Süvio

(Een matroos op).

De matroos. Mijnheer, gij wordt verzocht aan boord te komen; alles is gereed.

(Een stilte).

Süvio. Zeg dat ik kom.

(De matroos af).

Mara. Zoo is bet goed Nu zie

ik dat ge mij zeer lief hebt, Süvio. Mijn droom zal u verzeilen op uw tocht. Nu dringt behoeven om alleen te zijn in mij, en alle dingen te overdenken

die wij tezaam gesproken hebben Ga

nu, Süvio, men wacht u. en ook gij

mijn goede Vader, ga straks volg ik u,

Sluiten