Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

b. door de renten verkregen uit de belegging van die bijdragen, voorzoover deze niet noodig zijn voor het beheer van het fonds.

(3) Uit het fonds worden betaald: o. de in lid 1 bedoelde pensioenen en uitkeeringen; b. de kosten van het beheer van het fonds.

Artikel 59.

(1) Het fonds is een rechtspersoon.

(2) Het wordt, onder het oppertoezicht van den Minister van Koloniën en onder het toezicht van commissarissen, beheerd door een Directeur in Nederland met eene Administratie in Nederlandsch-Indië.

(3) De Directie is te 's-Gravenhage gevestigd; als Directeur treedt op de Directeur der Weduwen- en Weezenfondsen van Europeesche landsdienaren in Nederlandsch-Indië.

(4) De Minister van Koloniën benoemt en ontslaat den Directeur en de commissarissen en voor zooveel noodig ook de plaatsvervangers en ondergeschikte ambtenaren. Zoo mogelijk bestaat de meerderheid der commissarissen uit deelgenooten in het fonds.

(5) De Minister van Koloniën stelt de wijze vast, waarop het beheer in Nederland wordt gevoerd. Hij regelt de bezoldiging van den Directeur en van de ondergeschikte ambtenaren en de aan de commissarissen voor hunne bemoeiingen toe te kennen geldelijke vergoedingen en bepaalt de sommen, waarover de Directeur ten behoeve van maand- of daggelders, kantoorhuur en andere kantoorkosten mag beschikken.

(6) De administratie in Nederlandsch-Indië wordt gevoerd door den Administrateur van het Weduwen- en Weezenfonds van Europeesche burgerlijke ambtenaren in NederlandschIndië.

(7) De inrichting der administratie in Nederlandsch-Indië, zoomede de wijze, waarop aldaar het beheer wordt gevoerd, wordt door den Gouverneur-Generaal vastgesteld in overleg met den Minister van Koloniën.

(8) De kosten van beheer komen ten laste van het fonds. Voor de verrekening der uitgaven, welke in het belang van dat beheer ten laste van de Indische of van de Staatsbegrooting

Sluiten