Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dan 3 indien zijne bezoldiging meer dan ƒ 1000 's maands bedraagt — heeft genoten. Wordt de bezoldiging van een dergelijk ambtenaar verhoogd dan behoort gedurende 2 — respectievelijk 3 — jaren van de verhooging te worden bijgedragen.

8. De bijdrage bedraagt zooveel percent van den pensioengrondslag van den ambtenaar als bij Koninklijk besluit op grond van de uitkomsten van het onderzoek naar den financieelen toestand van het fonds, telkens wordt bepaald. Voor de eerste jaren bedraagt het percentage

9. Wanneer een locaal ambtenaar eene betrekking vervult in dienst van twee of meer gebiedsdeelen wordt de pensioensbijdrage over die gebiedsdeelen omgeslagen naar verhouding van hetgeen elk gebiedsdeel in den pensioengrondslag bijdraagt.

10. De hiervoren bedoelde bijdragen zijn mede verschuldigd over inkomsten in vroegere diensten, die voor pensioen ten laste van het locale fonds medetellen, tenzij de belanghebbende den tijd in die diensten doorgebracht, niet voor pensioen wenscht in te koopen. De berekening van de inkomsten, genoten in militairen dienst, 0) geschiedt volgens den door den Gouverneur-Qeneraal ten behoeve van de burgerlijke pensioenen vastgestelden maatstaf.

De over inkomsten in localen dienst verschuldigde bijdragen worden gedragen door de locale gebiedsdeelen, in wier dienst de betrokkene is werkzaam geweest.

De aanzuivering van het verschuldigde geschiedt in maandelijksche termijnen waarvan het bedrag gelijk is aan de maandelijksche bijdragen die verschuldigd zijn op grond van het bij punt 8 voorgeschrevene.

11. Van de in punt 8 bedoelde bijdrage wordt door het betalende gebiedsdeel per maand 2% van den pensioengrondslag van den betrokken ambtenaar van zijne bezoldiging ingehouden.

(1) Zie art. 20, 2e lid pens. regl. Ind. burg. ambtenaren.

Sluiten