Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

belangstelling, waarvan de tegenwoordige Regeeriag en met haar verschillende autoriteiten en mannen van invloed, ten opzichte van de pers en haar bedienaren doen blijken.

Intusschen: de nieuwe verhouding van collaboratie heeft naast onmiskenbare en dankbaar-aanvaarde voordeelen, hare gevaren. De geschiedenis leert — men denke aan de methoden van het tweede Fransche Keizerrijk — dat. het Overheidscommuniqué de gestalte kan aannemen eener praeventieve censuur en wie de quaestie niet in haar actueele prakrijk maar in haar algemeene mogelijkheden overziet, beseft dat er bedreigingen kunnen schuilen onder de welwillendheid der Autoriteiten. Ons journalistiek geweten dringt ons tot een boosaardig aantikken van deze gevaren. Zij wijken terug indien men zich realiseert, hoe hier te lande geenerlei vrees voor een hoffelijk muilkorven der pers-vrijheid behoeft te bestaan.

II. De O verheidsinlichting der Pers. .

1. Pers en Regeering.

Teneinde onze aandacht geconcentreerd te houden op de principieele quaesties, welke zich voordoen bij het vraagstuk van de overheidsinlichting der pers, willen wij ons beperken, en niet spreken over de inlichting aan correspondentie-bureaux, waarbij alleen de bedoeling aanwezig is, zoo ruim en praktisch mogeüjk berichten te verspreiden voor publicatie bestemd, en dat meer tot tecnnisch-journalistieke dan wel tot beginselbeschouwingen aanleiding geeft.

^Vij zijn dus aanstonds voor het probleem der vertouwelijke overheidsinlichting, waarbij men zich rekenschap moet geven van de tegengestelde principen, opgesloten in de verschillende verantwoordelijkheden, welke de natuur van beide organen medebrengt. Een verstandige en rechtschapen overheid zal nimmer beducht zijn voor een zoo .ruim mogelijke publicatie harer daden en motiveeringen, een beleidvol-geredigeerde

Sluiten