Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ik er weet. In het algemeen kan verklaard worden, dat meestentijds de bereidwilligheid om inlichtingen, te geven niet verder strekt dan totdat een concrete vraag wordt gesteld. De middelen tot afweer zijn velen. De slimsten onder de autoriteiten handelen naar het woord van Talleyrand, dat „la langue nous est donnée pour cacher nos idéés" en stuwen over de concrete vraag golven van woorden, waarin het concrete antwoord tevergeefs wordt gezocht. De traditioneelen hebben de dooddoeners voor het grijpen. Bij hen heet het, dat de zaak nog niet rijp is voor publicatie; dat het niet aangaat den stand van een aangelegenheid te publiceeren, alvorens de naast-belanghebbenden of naast-rechthebbenden zijn geïnformeerd; dat het landsbelang publicatie verbiedt, en wat in dergelijke richting meer kan worden uitgedacht om te ontkomen aan den lastigen vrager. De gemaklievenden grijpen naar het argument van het communiqué, dat „als gewoonlijk' zal worden uitgegeven. De onwilligen antwoorden kortaf, dat zij van de zaak niet op de hoogte zijn. Al deze verscheidenheden zijn één in hun streven, om de toezegging van hun bereidwilligheid tot inlichting van de Pers te maken tot een doode letter.

De ervaren journalist zal onder deze tegenstrevers het liefst den bewonderaar van Talleyrand's standpunt ontmoeten. Tusschen dezen en den vrager wordt een wedstrijd in scherpzinnigheid geopend, die een bijzondere bekoring heeft, 't Is niet altijd de journalist, die dezen strijd verliest.

De traditioneelen zijn zwaarder hindernis op den weg naar een goede verstandhouding tusschen Overheid en Pers. In hun oogen is een zaak nooit rijp voor publicatie, voordat de beslissing is gevallen. Bespreking van de kwestie is dan posthuum geworden. Voor den journalist is elke zaak rijp voor bespreking, zoodra ze aan de orde is gesteld. Wat de overheid doet, geschiedt in naam en ten bate van het volk. Maar dan heeft dit volk, dat thans niemand meeE,/»nmondig wil houden, recht van medespreken, voordat de beslissing wordt geveld. Ik hoor in den geest reeds de tegenwerping:

Sluiten