Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

I

] 1

25. De doorhaling der credietverbanden.

(4). Omtrent de bewaring der registers geldt mede iet bepaalde bij het laatste lid van artikel 9.

Artikel 11.

Voor 1 April van elk jaar wordt door den met het rerlijden van akten van credietverband belasten ambtenaar :en door hem van eene verklaring van gelijkluidendheid :n van zijne onderteekening voorzien afschrift van het >p het onmiddellijk voorafgaand jaar betrekking hebbend egister Letter B overgebracht bij de griffie van den ^andraad of van de gelijkstandige Inlandsche rechtbank, linnen het ressort waarvan hij zijne bediening uitoefent.

De ambtenaar is verplicht er voor te zorgen dat het credietverband terstond in het register wordt ingeschreven (K. 15 al. 4).

Er mag geen open tusschenruimte blijven tusschen de verschillende inschrijvingen.

Onder afsluiten van het register wordt verstaan dat het register verder niet meer mag worden gebruikt. Elk jaar wordt dus een nieuw register aangelegd. De ervaring moet uitwijzen uit hoeveel folio's dit register moet bestaan. Dit hangt af van de mate, waarin de afdeelingsbank van het credietverband gebruik maakt. De noodige binnen- en buitenvellen kunnen bij het hoofd van gewestelijk bestuur worden aangevraagd, die ze zelf, op aanvraag, van landswege bekomt.

De klapper op het register vermeldt onder den naam van de betrokken gemeente het folionummer en het doorloopend aktennummer van de akten, die goederen verbinden in die gemeente gelegen.

Het is niet voorgeschreven dat de nummering der akten ieder jaar wederom met 1 moet beginnen, doch evenmin verboden.

Den ambtenaar wordt,aanbevolen het register onmiddellijk in duplo aan te leggen zoodat hij tijdig kan voldoen aan het voorschrift in artikel 11.

Artikel 12.

(1). De doorhaling van het credietverband geschiedt op schriftelijke of mondelinge aanvraag van de houder van het verband, door aan den voet van de minuut der akte, alsmede, zoo mogelijk van de grosse der akte, eene

Sluiten