Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

34. Korte uiteenzetting van de gewenschte gedragslijn van den Inlandschen bestuursambtenaar tegenover de afdeelingsbank.

niet zullen mogen nalaten en zoo noodig daartoe door UHEdG. worden aangespoord om de medewerking van andere daarvoor krachtens hun ambt, aanleg en gezindheid in aanmerking komende landsdienaren bij andere diensttakken en van notabele particulieren in te roepen.

De hoogergenoemde Regeeringscirculaire ') blijft mitsdien voor Java en Madoera in allen deele van kracht en behoort voortaan ook als richtsnoer te worden beschouwd voor de daarbuiten gelegen gewesten, voorzoover aldaar aan volkscredietinstellingen behoefte zal blijken te bestaan, waarbij uiteraard rekening zal zijn te houden met de plaatselijke omstandigheden, wat de te volgen richting aangaat.

Door zijn dagelijksche aanraking met de Inlandsche maatschappij kan de Inlandsche bestuursambtenaar geacht worden de aangewezen persoon te zijn om de resultaten van de volksbank naar buiten, haar uitwerking op den welvaartstoestand der bevolking na te gaan. Men kan zelfs verder gaan en verklaren, dat zonder den actieven steun van den Inlandschen ambtenaar in dezen het de volksbank moeilijk zal vallen haar werking in het goede spoor te houden. Dit beteekent niet dat de Inlandsche ambtenaar deel behoort te nemen in de bedrijfsvoering der bank. Hiervoor heeft deze haar personeel. Maar de bank heeft de actieve belangstelling van den ambtenaar noodig op het gebied, waar haar de medewerking van belanghebbenden nog al te zeer ontbreekt. De volksbank beoogt bevordering van de volkswelvaart, maar bereikt zij haar doel? Zijn de leeners door de hun verleende credieten gebaat? Kunnen zij hoofdsom en rente uit hun inkomsten betalen zonder hun bezittingen aan te spreken? Zijn de afbetalingstijdstippen juist gekozen? Verricht het Inlandsch bankpersoneel voor het buitenwerk zijn taak naar behooren, zonder aanzien des persoons, zoowel het doel van de bank als het welbegrepen belang van leener en aanvrager in het oog houdend? Zijn het doel van de bank, de beginselen volgens welke zij werkt, haar organisatie

i) Die van den Gouvernements Secretaris, gedateerd 1 Maart 1906 No. 597, zie hierboven.

Sluiten