Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Om ons provande te halen; wi hebbens ghebreck 5 Van keersen, van olie in die lampe te doene, Van azine, van soute ende van enzoene *) Ende van solferpriemen 2), soe ghi selve ontcnoopt. 3) Daer zijn acht stuvers, gaet henen, coopt Te Nimmeghen van dies wi hebben breke,4) 10 Tesser nu iuyst mertdach vander weke, Te bat suldi vinden al dat u ghereyt *)

Mariken:

Heer oom, tot uwer onderdanicheit Kent mi bereet.

Die oom:

Om tavont weder thuys te sine werdet te late, 15 Want die daghen sijn seer cort nu ter wilen, 6) Ende tes van hiér te "Nieumeghen twe groote milen Ende tes nu tien uren of daer toe bet 0 Hoort kint, eest dat ghier so langhe let, Dat u dunct, dat ghi met schonen daghe 8) 20 Niet thuys gheraken en sout tuwen behaghe, f) Blijft daer vri te nacht; ick werts te gherustere, Ende gaet slapen tot uwer moeyen, mijnder sustere; Die en sal u om eenen nacht niet ontsegghen.10) Ick hebt liever dan dat ghi doorhaeghen11) ende hegge 25 Thuys by doncker sout comen alleene;

Want den wech en es van boeven niet alte reene,

I) cnzücn_= ajuin 2) solferpriemen == zwafelstokjes 3) ontcnoopen = verklai 4) breke hebben (met gen.) = behoefte hebben 5) ghereyt = behaagt 6) ter wilen — in deze dagen 7) daer toe bet = nog meer 8) met schonen daghe met klaarlichte dag 9) tuwen behaghe = naar uw wens 10) ontsegghen ~ afwij2

II) hoge = bosje van laag hout. of kreupelhout.

Sluiten