Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ic en achts niet, dat ic mi dieven corte. 430 Daermet steeck ic dien opsteker *) in mijn storte, *) Met dien horte dat ick mi verniele.3) Paertiscap verdoempt menighe siele.

Die duvel: . . s*

Ten helschen ghecriele,4) in een eeuwich verseeren s)

Wil ic die siele onder6) Luycifer broen.7) 435 Wat dwaser menschen, dat si om princen oft neeren

Oft uut partiscap hem selven verdoen!

Al onse, al onse, die in dit opinioen

Hem selven houden so versteent!

Partie ende nidicheit baet der hellen menich mdhoen 440 Van zielen, eert iaer lijt,8) wie *) dat beweent

Hoe emmeken ende moenen na antwerpen reisden, daer veel quaets door hemlieden ghebuerde.

Doen emmeken ende moenen sommighe dagen tshertoóen bossche gheweest hadden so reysden si nae antwerpen daer si corts10) quamen. Ende moenen seide tot emmeken aldus:

Moenen:

Nu sijn wi Tantwerpen na u begneeren.

Nu willen wi triumpheren») ende costelijc teeren!

Gaen wi in den Boom om een pintken romenien")

1) opsteker = dolk 2) storte = strot 3) = met die stoot dood ik^

verklaart broen met werpen, stoten 8) eert raer !„t = ^^rtf™ weldra l[l'%J$££^--*i ^"n^T~ie ==\eu zoete griekse ofsPransePwtjn genoemd naar de stad Napoli dl Ronumla op More*

Sluiten