Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Tfy donconstighe die de const vander hant plant *) Te dier causen stel ic den reghel Van voren:2) 550 Doer donconstighe gaet die conste verloren.

Princelijc wil ick tot consten keeren Ende nae mijn macht altoos consten leeren, Want niemant en es metter consten gheboren. Maer tes allen constenaers een verseeren, 555 Dat donconstighe die consten so luttel eeren,

Om dit refereyn te horene vergaederden veel heden dwelck moenen siende toonde sijnen aert ende stichte daer selken roere 4) datter een vanden geselscap doot ghesteken wert ende diet dede den hals af geslaghen. Aldus woenden emmeken ende moenen tantwerpen inden" guldenen boom op die merct daer daghelix bi sijn toedoen veel moorden ende dootslaghen met meer ander quaets gheschiede. Waer in hi hem zeer verblide seggende tot hem selven aldus:

Moenen:

Wat wonder con ic bedriven; Die helle sals, hope ick, becliven *) Wat profijts.

Regneeric hier noch een luttel tijts 560 Daer salder noch meer haren mont6) in schieten. Twaer quaet dat wi dese herberghe lieten, *) Want al dat int wilde leyt sinen tijt, 8) (Ende bi ongestadicheden *) soeckt sijn profijt,)

1) vander hant planten = verwerpen 2) van voren stellen — vooropstellen 3) verseeren = leed _ 4) roere = opschudding 5) die helle sals becliven wat profijts = de hel zal er wel bij varen 6) Men denke hier aan de M. E toneelinrichting waar de ingang van de hel wordt gevormd door een opengesperde beestenmuil 7) lieten = verheten 8) in 'r wilde leiden = een ongeregeld leven lelden 9) ongestadicheden - lichtzinnigheid.

Sluiten