Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Die berou heeft eer -dat leven is gheïnt, Die in tijts met berouwe bekint,x) Dat ic een God ben ontfermhertich ende rechtveerdich. 750 Maer die so versteent bliven in ercheden 2) onweerdich, Dat si nemmermeer en hebben achterdincken, Die moeten met Lucifer inden afgront sincken, Daer niet en is dan handen wringhen.

Masscheroen:

U gherechticheyt faelt in veel dinghen 755 Al heetmen u rechtveerdich God in allen siden.3) In Abrahams, in Moyses, in Davids tiden, Doen mochtmen u rechtveerdich namen; Doen sachmen u den menschen blamen ende be

schamen,

Ende puneren om een onreyn ghedachte.

760 Nu, al waert dattet kint die moeder vercrachte; Oft dattet den vader torte 4) oft smeete;5) Oft dat deen broeder dander verweete Alle quaet dat ye 6) was ghebrouwen, Heeft hi eens hertelijc berouwen,

765 Ter stont es uwe onfermherticheit verworven.

God: ~m ,

Waer om ben ic die doot ghestorven,

Soo schandelijck, so smadelijc, aen tscrusen hout,

Dan om dat7) elc mensche, ionc ende oucit, Ter öhenaden soude staen van mijnen vadre f

sloeg 6) ge = ooit 7) om dat = opdat.

Sluiten