Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Aan de Koningin.

Het behaagde Uwe Majesteit bij Besluit van 23 Augustus 1919 n°. 58 in te stellen eene Staatscommissie ten einde:

a. een onderzoek in te stellen inzake de bestaande duurte van de voornaamste levensbehoeften;

b. na te gaan, of en in hoeverre door Regeeringsmaatregelen of anderszins algemeene prijsstijging kan worden tegengegaan of althans voor bepaalde artikelen beperkt;

c. indien zij termen tot een als sub b. bedoeld ingrijpen aanwezig acht, daartoe strekkende voorstellen te doen.

Aangewezen werden tot leden: Mr. Dr. G. W. j. Bruins, Hoogleeraar aan de Handelshoogeschool te Rotterdam, tevens Voorzitter, B. j. Gerretson, Oud-Lid van de Tweede Kamer der StatenGeneraal, Lid van de Provinciale Staten van de provincie Zuid-Holland, te Rotterdam, H. G. M. Hermans, Lid van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, te Maastricht, Mr. F. I. j. Janssen, Oud-Lid van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, Rechter in de ArrondissementsRechtbank te Maastricht, Mr. Dr. E. van Ketwich Verschuur, Burgemeester van Groningen, Mevrouw M. E. Leliman-Bosch, Oud-Presidente van de Maatschappij tot Nut van 't Algemeen, Inspectrice van het Vakonderwijs, te Baarn, G. A. j. Mirrer, Directeur der Coöperatieve Handelskamer te Rotterdam, j. Schouten, Lid van de Tweede Kamer der Staten-Generaal te Rotterdam, Dr. E. van Welderen Baron Rengers, te Ysbrechtum, Sneek, F. M. Wibaut, Wethouder van Amsterdam; tot Secretaris Mr. Dr. A. Fontein te Rotterdam.

Bepaald werd voorts, dat de Staatscommissie haar rapport zal vaststellen bij meerderheid van stemmen, met dien verstande, dat ieder lid het recht heeft van zijn gevoelen, indien het van dat der meerderheid afwijkt, in eene afzonderlijke aan het rapport toe te voegen nota te doen blijken, tenzij zulks kortelijk in het rapport mocht kunnen worden opgenomen.

Sluiten