Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Reeds de aankondiging, dat door de gemeente zoodanige maatregelen zouden worden genomen, leidde in vele gevallen tot prijsverlaging en tot het ter markt komen van voorraden.

De meerderheid der gemeenten heeft intusschen haar werkzaamheid op dit gebied na korter of langer tijd gestaakt en slechts enkele gemeenten, waaronder met name Amsterdam, zijn op dezen weg voortgegaan.

Volgens de inlichtingen, die de Staatscommissie van het bestuur der gemeente Amsterdam ontving, leidde het ter hand nemen van een bepaald artikel er aanvankelijk toe, dat de particuliere handel zijn voorraden losliet en een algemeene prijsverlaging dezer artikelen, welke als regel op ongeveer 20 % kon worden geschat, met name in den omtrek der gemeentelijke winkels, volgde. Vooral in het stadium, toen groote voorraden goederen nog werden vastgehouden en men bij onderlinge afspraak de prijzen hoog hield, meende men dit verschijnsel duidelijk te kunnen bemerken. Deze periode kan thans in het algemeen als afgesloten worden beschouwd.

In het tweede stadium, waarin thans verkeerd wordt, staat, naar de meening van het genoemde bestuur, de regelende invloed, die van de prijzen in de gemeentewinkels op de winstmarges in den kleinhandel uitgaat, op den voorgrond. Uit een reeks concrete ervaringen, opgedaan met artikelen als manspetten, schoenen, sokken, katoenen damesrokken, wollen dekens e.a. achtte men dit zeer duidelijk aanwijsbaar. Met name wat het laatste artikel aangaat kon, naar medegedeeld wordt, kort geleden geconstateerd worden, dat het in de gemeentewinkels ten verkoop brengen van een speciaal soort deken tegen den prijs van / 15,75 ertoe leidde, dat in een grooten winkel de prijs dezer dekensoort van ƒ 19,75 op / 16,75 en daarna op ƒ 14,90 werd teruggebracht, terwijl in winkels dezer zelfde firma in andere plaatsen voor dezelfde dekensoort tegelijkertijd prijzen van ƒ 23,—, ƒ 21,— en / 19,75 konden worden geconstateerd. Wat de schoenen betreft, wordt als de ervaring medegedeeld dat, toen een belangrijke daling in de leerprijzen intrad, de gemeentewinkels de particuliere winkeliers tot tweemaal gedwongen hebben een prijsverlaging te bewerkstelligen, welke in een redelijke verhouding stond tot de verlaging der fabrieksprijzen.

Hoezeer de verkoopprijzen in de particuliere winkels zich naar die der gemeentelijke winkels regelen, wordt nog hieruit afgeleid, dat her-

Sluiten