Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TOON ONS UW AANGEZICHT

Toon ons uw aangezicht! de grijze heemlen treuren, En aardes lieflijkheid is smadelijk verplet, Glanzende velden zijn besmeurd, besmet.... De lauwe regenwinden bloedrig geuren.

Elk stil en leeg gehucht dreunt van het dol geruchten Der donders, die elkaêr met grof geluid verslaan. Davrende dood alom! de stilten gaan IJlend voorbij, schoon zwaar van sidderende zuchten.

Davrende dood-alom! de aarde braakt zengend sulfer. Puntige pijl en scherpe schicht treft snel. Luchtschepen zeilen als in dartel spel En zaaien heeten dood in woest ontploffend pulver.

Man ligt naast man gemoord: verstevene gelaten Dragen den bittren ernst van een verwachten dood. Knapen met oogen licht, verwonderd groot; Mannen met monden wreed door een ontgoochlend haten.

En tusschen hen gesmakt de menigten gewonden, Kreunend om 't laag en trage fijne martelspel Van. leven en van dood, weenend waanzinnig fel Omdat zij niet den troost van moeders handen vonden.

Sluiten