Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE VERLOREN ZOON

Met wangen heet van schaamte, zat ik des avonds aan.

Ik moest de vreugden loochnen

van mijn ontvloön bestaan,

Terwijl hun pracht zoo weeldrig

herrees voor 't hunkrend oog,

En ach, in iedre stilte,

mijn hart reeds rugwaarts toog.

Ik kwam naar huis, te zoeken

vergetelheid en rust. En zonde en zorgloos leven

wordt schöoner mij bewust,

En is mijn hart veel nader

dan 't strenge en stugge goed. En al mijn tochten trekken

naar 't onheilbrengend zoet.

Ach, dat reeds de eerste stonde,

dat reeds in de eersten nacht

Ik, trots mijn moeders kussen,

naar andre weelden smacht;

Sluiten