Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ALS KLARE KINDEROOGEN

Als klare kinderoogen, Die 't veinzen niet gedoogen U schouwen in de ziel, Heeft u dan nooit bevangen Een pijnigend verlangen Naar reinheid, die u al te zeer ontviel ?

O God, ik wilde wezen Zóó goed, dat zonder vreezen 'k Die blikken kon doorstaan En zeggen: „Schouw, mijn kleine. Uw moeder is gansch reine, De zonde is niet dan langs mij heengegaan."

„Blijf rustig bij mij toeven, Geen kwaad zal u bedroeven; Ik zal uw teer gemoed, Uw zieltje, nog onschtddig, Behoeden, gansch zorgvuldig, En deelen mee u van mijn overvloed." —

Als klare kinderoogen. Die 't veinzen niet gedoogen, Mij schreien doen van pijn. Wijl ik ben afgegleden. Hoezeer 'k ook heb gestreden, En 'k zooveel beter wilde zijn, —

Sluiten