Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

WINTER

Wit-berijmde boomen droomen Nog van koele zomerdagen, Van hun dicht en donker loover, Meegevoerd door najaarsvlagen.

Langs besneeuwde bermen zwermen Voedsel zoekend vogelvluchten. Oostewind giert door de boomen, Klagend klinkt hun angstig zuchten.

Als zij buigend wuiven, stuiven Witte wolkjes van hun takken; Op de wit-berijpte boomen Maakt de wind dan zwarte vlakken.

't Zonnestraaltje tuurt er, gluurt er Naar de witte wintergaarde, Licht den grijzen nevelsluier Langzaam van de slapende aarde.

Dan ontwaakt het leven even, Zijn de glinstrend witte boomen Met hun diamant-geflonker Schooner nog dan in hun droomen.

(Venen. Uitgave G. F. Callenbach. Nijkerk).

Sluiten