Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maar, zooals ik reeds zeide, in Frankijk doet zich immer eene tegenstrooming gelden, wanneer de joyositeit uitbundigheid wordt, immer herneemt zich Frankrijk, en het is dan een vrouwenfiguur, waarom zich de strevingen naar ernst en kuisching van zeden groepeeren.

Dit geschiedde in de zestiende eeuw, in het millieu van -Cathérine de Medids, de gemalin van Hendrik den tweeden, een der laatste Koningen uit de dynastie Valois. Zij predikte de étiquette, de wellevendheid, zij beoefende de kunst van conversatie, en eischte bescheidenheid en discipline aan haar hof. In een harer brieven wijst zij er op, dat eene samenleving die streeft naar een werkelijk monarchaal karakter, zich moet richten naar orde en regelmaat, dat een koning Koning moet zijn op elk oogenblik van zijn leven, — de representatieve taak, die den vorsten en edelen is opgelegd bestaat, naar haar inzien, in meesterschap over zichzelf. Zij is eigenlijk de eerste Fransche vrouw die „cerle" houdt. Want als men niet ter jacht ging, verzamelde zij 's middags de hovelingen om zich heen, bij wie zich de Koning na den maaltijd voegde. Zij vroeg dan aan ieder, te spreken over het onderwerp zijner belangstelling, en waakte er voor, dat niemand den goeden gezelschapstoon verzaakte en dat schandaal-gesprekken en scherpe jokkernijen werden vermeden op straffe van haar toorn. En die moet geducht geweest zijn, want de kronieken beschrijven haar als een alles behalve gonakkelijke dame. Zij was toch gewoon, van haar „filles d honneur", die Haar gehoorzaamden als ware zij Onze Lieve Heer, alles te eischen, en vaak herhaalden deze fluisterend het woord van Margareta van Valois: „ik durfde niet met haar spreken, maar als ik Haar aanzag, beefde ik van angst, iets te hebben gedaan wat Haar mishaagde".

Uit tijdverdrijf' soms, en ook wel tot nutte leering, ranselde zij de dames ter dege af, en het is ongelooflijk, maar toch welsprekend voor de Macht van Haar persoonlijkheid, dat een der gekastijde dames (Francoise de Rohan) haar, zonder eenige ironische bedoeling, voor die tuchtiging dank zei in het volgend gedicht:-

Sluiten