Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

philosophen. De zinnelijke waarneming vormt den oorsprong onzer kennis, — onze geest bewaart die aanvankelijke zinnelijke affecties in de herinnering, combineert ze en ontwikkelt ze in de rede of bootst ze na in de verbeelding. En zoo is hef geheele beschavingsleven in overeenstemming met de drie hoofdfuncties van het individueel geestelijk leven; de geschiedenis beantwoordt aan de functie der herinnering, de wijsbegeerte aan die der rede en de kunst aan die der verbeelding. Rede, geschiedenis en kunst zijn de drie armen van den Encyclopaedischen boom.

Dit betreft alles de werkzaamheid van den geest van den enkelen mehsch en van de geheele menschheid. Maar welke zijn nu, naar het inzicht der Encyclopaedisten, de voorwerpen onzer aanschouwing? Zij zijn tot drie typen terug te brengen; God, de zedelijke mensch en de natuur. En deze onderscheiding wordt wederom toegepast op de functies van het beschavingsleven. De geschiedenis heeft dus drie objecten: ten eerste God, dus: gewijde geschiedenis, ten tweede de zedelijke (beschaafde) mensch: cultuurgeschiedenis, ten derde de natuur: natuurlijke geschiedenis, waaronder verstaan werd de geschiedenis der ambachten, omdat deze worden aangeleerd met de hulp der herinnering.

De wijsbegeerte (of redeleer), de tweede functie van den menschelijken geest, wordt eveneens toegepast op de drie objecten der menschelijke aanschouwing. Houdt zij zich bezig met de bespiegeling van God, dan is zij theologie, beschouwt zij den mensch dan is zij, volgens de Encyclopaedisten, zuivere wijsbegeerte, beschouwt ze de natuur, dan is ze natuurkennis of wiskunde.

Het onderwerp dat wij hier behandelen is niet van wijsr geerigen maar van cultuurhistorischen aard, en ik bepaal mij daarom tot het aangeven van de algemeene trekken der Encyclopaedische gedachten, die ik evenwel niet kon nalaten te "vermelden, omdat ze tot ontwikkeling komt in de salons die wij nog willen bespreken, de salons van Holbach, Helvetius en van Madame Geoffrin. Hoofdzaak is, dat wij in het oog houden, dat de geheele school gebaseerd is op het empipirisme der Engelsche philosophen, en dat ze met haar ervaringsleer een geheel nieuwe periode van denken opende,

Sluiten