Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ging bekoring van haar uit. Ze had niet het voyante van Bep met het frisch-vroolijk gezicht, het flink postuur en

de volle vormen, maar tóch Onhebbelijk eigenlijk,

dat jongelui het uiterlijk-mooi als voornaamsten eisch stelden aan het meisje, dat ze hun vrouw wilden noemen. Alsof ze met dat mooie het geluk wonnen ... Zij in ieder geval vroeg meer. Tot haar man zou ze met fierheid moeten opzien; ze moest in hem weten een sterk karakter, en een stalen energie. Hij moest het leven beter begrijpen, beter trotseeren dan zijzelf; zijn bezit moest kalmte brengen, wanneer je geest gemarteld werd met allerlei, misschien dwaze moeilijkheden. Zou zóó zijn kracht en liefde haar steunen, dan durfde ze gelooven in een bevredigend en blijvend geluk. Dan kon het donker leven stralend worden en kleurrijk; over het nietige en banale van eiken kleinen dag zouden bundels glanzen van goud licht! Wederkeerig zou ze alles zijn voor hem ....

Dwaas was het om te droomen van een onbereikbare geluksweelde. Het was daarom, dat ze haar stille verlangens onderdrukte, meermalen zelfs de lieve aanhankelijkheid van kinderen ontweek.

Sluiten