Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zou Bep weten, dat hij kort geleden nog flirtte met Roos van Vlienen, die knappe jodin? dat hij onlangs dag-in dag-uit met haar paard reed, op reis was geweest met Charlotte Herkelens, dat hij van den winter op de ijsclub niet twee baantjes had gemaakt met hetzelfde meisje, en tegen elk zich zoo vervelend verliefd en opdringerig had aangesteld ?

Ze keek naar Bep, die gejaagd en toch verrukt de satijnen lintlussen der bloemenmand verschikte. Waren een dubbele naam en rijke familie haar zóóveel waard ? Was haar niet opgevallen, wat een ander terloops en zonder dat het interesseerde, had moeten merken en hooren?

Ze zou Bep waarschuwen. De vraag echter, of ze luisteren zou.

Luisteren deed ze wel, maar de voorzichtige woorden van Clémence sloeg ze totaal in den wind, stijfden als het kon, haar besluit zich aan André te binden. „Wat heb jij je te bemoeien met dingen, waarvan je niet het minst idee hebt," zei ze verwijtend, „wat weet jij van verliefdheid, op de vlucht zou je gaan, wanneer iemand je het hof maakte. Je blijft koud voor alle attenties ; je bent heelemaal 'n stuk steen".

„We hebben 't niet over mij, we hebben 't over jou en over André." Clémence trachtte kalm te blijven.

„Dan wil 'k ééns-en-voor altijd zeggen, dat geen haar van ons hoofd er over denkt ons door jou de les te laten

Sluiten