Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

pedalen, en zat ineens weer op zijn zeteltje, gespannen luisterend naar al het gewichtigs, dat hij te hooren kreeg. Toen Clémence begon met het notenschrift en Johnnie den G-sleutel, dien ze had voorgekruld, moest namaken, deed hij het met zóóveel ambitie, dat ineens de potloodpunt over de toetsen sprong. Even knipperden verschrikt zijn oogjes. Maar toen Clémence begon te lachen, klaterde ook ineens zijn gulle lach. „Kijk eens juffrouw, daar ligt ie, op de Onderste bromnoot!"

De minuten vlogen ; toen de pendule vijf wees, kon Clémence het niet gelooven, moest ze haar horloge er mee vergelijken.

Johnnie beloofde alles goed te onthouden. „Of hij dan ook gauw stukjes kreeg, en kattermèns ?"

,,Je zult eens zien hoe gauw," verzekerde Clémence, „maar eerst alle noten kennen." Ze keek naar Johnnie, zooals hij er stond met zijn muziekboekje en potlood, heel triomfantelijk. Verrukkelijk toch zoo'n ventje, en, verbeeld je, dat héélemaal van je zelf. Kinderen hadden zooiets zonnigs, konden met hun oprecht gebabbel, met hun vertrouwelijk zich-geven je heelemaal absorbeeren. Toch moesten ze ook een angstig bezit zijn; er dreigde zooveel' donker leed om de blonde en bruine kopjes. Misschien was zij te zorgelijk, te teergevoelig om ooit moeder te worden ....

„Nu Johnnie," sneed ze haar gedachten af, „goed om alles denken, hoor.

Sluiten