Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

beschouwde haar zoowat als boodschappenmeisje Toch ging ze.

„Noemt dat mensch je bij den naam, dat ze „je" en „jou speelt ? vroeg mevrouw Boogerd aan Clémence. „Vindt u 't zoo erg ?"

„Tamelijk impertinent; ze hoort te weten, waar ze staan moet, heeft zich met jou niet te familiariseeren".

„Ik heb anders zelf gevraagd, of ze me „Clémence'' wil noemen.

„Echt iets weer van jou. Bespottelijk ....

„Zie je.' praatte, nadat mevrouw Boogerd naar beneden was gegaan, Clémence opgewonden tegen de pleegzuster : „daar heb je Mama : vol altijd van haar belangen ; om de mijne taalt ze nóóit.... Trouwens niemand doet dat."

„Durf je dat zóó-maar beweren ? t Is nogal kras.'

,, t Is de waarheid ; geen sterveling die in mij n beetje belangstelt... t Is misschien m n eigen schuld. Ik sta zoo vreemd tusschen alle anderen... Die kennen schijnbaar geen enkele heftige emotie ; die scheppen genoegen in t leven ; ik heb V zoo n haat soms tegen, zoo n échte haat ....

Een sterke verbittering brak zich weer baan door de stil-opgeleefde stemming, nadat 's morgens de bloemen van Johnnie waren gebracht.

„Je vergeet, dat er ontzaglijk veel moois in 't leven

Sluiten