Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Daar komt Mevrouw krèk de trap af." Zuster van Berkel beet zich op de lippen om het typische „krèk" van Dientje tegenover het baronnig praten van dezen opgeprikten van Zuylenhoven Lentsveld.

„Ah ! voila ma petit femme !" André kwam de gang m. Hij zag er zomersch uit in het lichtgrijs costuum, de hard-gele schoenen, en den spierwitten strooien hoed, waarmee hij heftig heen en weer zwaaide.

Bep keek knorrig. „Waarom moet je zoo ontzettend laat komen, nu kan je Clémence niet eens meer opzoeken. Nooit doe je, wat je belooft, echt flauw."

Mama kwam beneden. En zij, banger voor den „geldkoning" dan voor de lastige oudste dochter, temperde:

„Tu, tu, Beppie ; let eens op je wóórden" "

„Niets aan te doen," debiteerde André, druk gesticuleerend j „ze hebben me onmenschelijk opgehouden. Trouwens, stèllig had 'kniet beloofd, vroeg hier te zijn. Laat eens kijken". — Hij haalde zijn remontoir voor den dag — „kwart-vóór-vijf, nee, onmogelijk ; Yi ander keer

dan maar Hoe gaat het de patiënte, zuster ?"

„Beslist véél beter, mijnheer van Zuylenhoven ; 't heeft anders wèl aangepakt; u begrijpt, dagen achtereen zoo'n koorts."

„Ze komt bij óns, in Laren," vertelde Bep ; „dan zal ze wel heelemaal op d'r verhaal komen."

"°' 200 Nu> ben je klaar? doe je den autosluier niet

om ?.... gauw instappen maar. Dag Mama.... Zuster"....

Sluiten