Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Dientje wipte naar de voordeur, trok die wijd open. Ze had juist in de keuken beweerd, dat ze tegen juffrouw Bep opzag, nu ze er „zoo reuze-sjiek" uitzag, en met d r eigen auto vóór kwam tuffen.

„Juffrouw Bep" zag bij het afscheid-nemen Dientje over het hoofd ; „meneer André" zei : „dag meisje." Mama ging in de voorkamer om nog even te snoepen van instappen en wegrijden.

Dientje liet de voordeur dichtvallen, bromde : „Al honderd keer heb 'k verteld, dat 'k „Dientje" heet; hij verdraait het om 't te onthouden. Maar nou verdraai ik om 't nóg eens te zeggen; . nou moet ie maar ten eeuwigen dage „meisje" zeggen, hij met z'n kale herrie.

Lachend kwam zuster van Berkel de ziekekamer op.

„Waarom heb je zoo'n schik?" vroeg Clémence, die weer in bed was gegaan.

„Je lacht je dood om die Dientje. 'k Vind dat zóó'n origineel type ! Verbeeld je ....

Ze vertelde.

Clémence lag te schaterlachen.

Den volgenden dag, toen ze met zuster van Berkel in den tuin wandelde — op en neer het korte pad, dan weer het begonia-perk om — vertelde ze :

„Verbeeld je, ze hebben me op „Sunny-Home" te logeeren gevraagd.

Sluiten