Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Je bent *n vos gelijk," beweerde Paul.

Toen ze de voordeur hoorde dichtslaan, zei Clémence : „Aardig, dat je broer ineens die muziek wil halen ; zou je bij Jos niet mee moeten aankomen.

„Paul is altijd klaar, wanneer hij het op een of andere manier gezellig kan maken ; met de traditioneele eigenschap der mannen, egoïsme, is hij gelukkig niet behept 1 Trouwens, dit is voor hem zelf óók 'n genot; hij haalt graag z'n viool weer eens te voorschijn. Maar zeg, wat had je voor nieuws ?*

Clémence vertelde.

„Eénig hé?" vroeg Leny gemeend-blij, en ze liet de lucifer, waarmee ze het gas onder het koperen waterketeltje zou aansteken, zóólang branden, dat het vlammetje bijna haar vingers raakte. „Ik herinner me de blijdschap, toen van Truus dit bericht kwam ; 't huis stond op stelten." Ze stak het gas aan, vouwde het theetafelkleedje in vieren.

„Zóó'n ophef wordt er bij ons niet van gemaakt.

„Door jou ook niet ?" vroeg Leny glimlachend.

„Ik ben 'r vol van. Tóch, het vertrouwen in 't geluk daarginder wil met geen mogelijkheid er in. Hoe vind je dit nu : Bep schrijft, 't kleine goed zou ze graag zelf knutselen ; André wil 't niet.

„Zorg misschien, 'n beetje overdreven zorg; dat zie je meer bij mannen, onder die omstandigheden.

„Nogal iets voor hem," smaalde Qémence. „Pff... moet

Sluiten