Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verbandje om den weerspannigen vierden zat, waardoor ze m natuurlijk nauwelijks kon optrekken !"

„Iets voor Leny!" lachte Paul met zijn open, gullen lach. „Als die wat onderneemt, is 't altijd met vuur en vlam. Had je indertijd moeten meemaken, toen ze door een schilders-manie was bevangen ! Ze heeft met d'r verf wel drie tafels bedorven, bij een of andere gelegenheid 'li heele kamer leeggehaald, om 't plafond bij te werken."

Clémence liep er hartelijk om te lachen, ,,'n Type is 't! % verpleegster, door de béste niet te verbeteren."

Ze praatten door over het moeilijke en opofferende van zoo'n verpleegstersleven, hoe Leny er altijd opgewekt bij bleef, altijd zich zelf op de tweede plaats stelde.

Ze waren bij huis gekomen. „Hier ben ik, waar 'k wezen moet." Clémence stond stil.

Door het raam boven de voordeur schemerde het licht van de ganglantaarn; boven op de meidenkamer brandde óók licht. Verder was het heele huis donker en somber.

„KunJe goed terecht met den huissleutel, of zal 'k helpen ?" vroeg Paul.

„O nee, dat gaat zoo gemakkelijk Nacht Paul."

„Nacht Clémence, tot ziens hé ?" Hij schudde hartelijk haar hand.

Zij wipte de stoep op.

In den voornacht droomde ze van hem.

Sluiten