Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nuchtere menschen. Het was om het uit te gillen van dwaasheid !...

Toen ze thuiskwam, merkte ze dadelijk: Beps hoed — de groote zwarte met rose rozen — hing aan den portemanteau.

„Is de jonge mevrouw over?" vroeg ze Dientje met klanklooze stem.

„Ja! mevrouw heeft 'r expres van te voren niets over geschreven ; het moest 'n verrassing zijn," praatte Dientje vertrouwelijk.

Nonchalant hing ze hoed en mantel aan een haak. Zonder er aan te denken het platgedrukt haar op te kuiven, ging ze de voorkamer binnen.

Bep kwam uit het salon, waar ze een nieuw portret van Jos had bewonderd. „Zoo Clé, hoe gaat het jou?"

Qémence drukte Beps hand, deed haar best de vroolijkheid met vroolijkheid te beantwoorden.

„Mij goed, en jou ? Je ziet er gezond uit Aardig

dat je gekomen bent.

„Je weet hé, voor 't baby-uitzetje Wie gaat nu

mee, Mama of jij ? of beiden soms."

„Zoon uithaal met z'n drieën ; gaat u maar, Mama.* In stilte hoopte Qémence, dat Mama zou toestemmen. Zij zag er tegen op, het aardig kindergedoe te zien, de miniatuur-jurkjes en kousjes en flanelletjes ; ze zou niet kalm en zakelijk er over kunnen redeneeren, voortdurend

Sluiten