Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verre altaar, waarop vlammetjes het witte was der kaarsen verteerden.

Een wit, buitengewoon-mooi Lieve-Vrouwe-beeld stond tusschen bloemen en licht. Het orgel speelde, eenvoudig en zacht. Het was, of 't niet bespeeld werd, of het uit zich zelf rustige melodieën verdroomde. Vóór het altaar knielde een priester, in wijde koorkap, aan weerszijden misdienaars. Er lag een stille aantrekkelijkheid, iets boeiends in dezen Katholieken eeredienst. Dat Leny na een nachtverpleging een vroege Mis ging bijwonen, was niet verwonderlijk .... Leny paste in deze omgeving, in dit stille-vrome, bij deze menschen, die deemoedig de knieën en het hoofd konden buigen en in de beschikking van het vage Noodlot de regeling zagen van een machtigen God, die de menschen liefhad en gevraagd had om het kruis op te nemen en Hem te volgen. Het bracht voor den geest de gravure op Leny's kamer : „Der tröstende Christ." De moede pelgrim lag er geknield voor Christus' zetel, het hoofd tegen Zijn schouder ter ruste gebogen. Veel moest hij hebben geleden, maar nu vond hij troost in de bescherming van den liefde-warmen Koning, die zijn leed beluisterde

en begreep Ze dacht aan Leny, die nooit haar

geloof trachtte op te dringen, maar er de waarde van toonde door iederen dag haar moeilijk werk te verrichten met blijden lach. Ze dacht aan Paul, dien ze had bewonderd, had moeten liefhebben, omdat ze tegen hem opzag, den adel van zijn zieleleven bewon-

Sluiten