Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Wil ik eens wat-zeggen ? als 't zóó doorgaat, slaat 't haar nog in 't hoofd. Met ideeën als dat kind voor den dag komt, te dwaas om van te praten !

„Is ze soms in haar illusies teleurgesteld? meisjes —'k heb óók 'n geval in de familie — kunnen er werkelijk zoo over tobben, dat. ze alleen door 't leven moeten."

„U denkt haar trouwlustig ?" — Het lachen van mevrouw Boogerd bevestigde het onmógelijke van de veronderstelling. — „Ze taalt om geen man.... Ach, u wil 'k 't wel zeggen, wat ze plotseling in 't hoofd heeft gehaald. U zult er van öphooren ! Katholiek wil ze

worden. Maar 'k zeg u : gebeuren zal 't niet. Indien ze doorzet, wil 'k verder niemandal met haar te maken hebben.... Je zou zeggen: hoe komt ze er op, nietwaar?"

Notaris Elman trok de lippen samen, hield het hoofd opzij ; het was, of hij erger verwacht had. „Vindt u 't zóó verschrikkelijk ?

„Zou u 't willen, van 'n kind van uJ>" drong mevrouw Boogerd aan.

„Tegenwerken zou ik 't in géén geval Zeker,

zeker, een ontgoocheling is 't, wanneer we naast ónzen wil, die altijd alleenheerscher is geweest, een anderen zien opstaan ; maar, u moet niet vergeten : Clémence is een volwassen mensch, had zelf reeds aan 't hoofd van 'n huishouden kunnen staan. Zoover ik haar ken, zal ze zich over zooiets terdege hebben bedacht. Daarenboven — wat het Katholicisme betreft — u weet, ik behoor

Sluiten