Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ven, in een toestand, die het sterven het meest nabij komt.

Opgaan is tegelijkertijd ondergaan. Voor zoover we de verschillen tusschen ons-zelf en anderen haten, haten we ons eigen leven.

Elk dispuut, elke poging om anderen tot eigen overtuiging over te halen, is een poging tot moord en zelfmoord, zooals de osmotische werking moord en zelfmoord is. En toch moeten we dit altijd „willen". Er bestaan immers geestescontrasten, die het samenleven onmogelijk maken, die voor beide partijen de gemeenschappelijke lucht vergiftigen

— wie ze tracht te vernietigen, op te heffen in de Eenheid pleegt nochtans een aanslag op het eigen leven, dat juist door en in en uit verschil met anderen, met het andere is opgebouwd.

Opheffen! Het prachtige, diepzinnige woord drukt alreeds de tweeledigheid, de tegenstrijdigheid, die wij bedoelen, in zijn tweeledige beteekenis uit. Opheffen beduidt veredelen, verheffen, schooner en grooter maken — men spreekt van „zedelijke opheffing" van gevangenen — het beduidt tegelijkertijd, vernietigen, doen verdwijnen, dooden — men spreekt van de „opheffing" van een tol, van een cijfer — en in die tweeledigheid ligt de gansche innerhjk-tegenstrijdige werkelijkheid vervat. Wie iets opheft, naar de eenheid» vernietigt het inderdaad als afzonderlijkheid. Eenheidsverlangen is doodsverlangen.

Door contrasten tot kennis gekomen, is de hoogste bestreving van der menschen kennis: het opheffen van contrasten

— en daarmee: het opheffen van de voorwaarde zijner kennis. Door uitéén-te-vallen tot zelfbewustzijn gekomen, streeft

de Eenheid in haar hoogste vermogen, haar hoogsten bewustzijnsgraad naar het „in-één-gaan", dat is naar het onbewuste terug.

Sluiten